Off-labelgebruik van TNF-alfa-remmers
Off-labelgebruik van TNF-alfa-remmers kan moeilijk te behandelen sarcoïdose verlichten
„Behandeling kan verergering van extrapulmonale sarcoïdose voorkomen”
Het gebruik van TNF-alfa-remmers buiten de goedgekeurde indicatie kan sommige mensen met moeilijk te behandelen sarcoïdose helpen hun symptomen te verlichten of verergering ervan te voorkomen, blijkt uit een meta-analyse.
De gegevens lieten ook zien dat deze remmers, vooral Remicade (infliximab), mogelijk iets beter werken bij patiënten die ook buiten de longen symptomen van sarcoïdose hebben (extrapulmonale sarcoïdose) dan bij mensen bij wie alleen de longen zijn aangedaan (pulmonale sarcoïdose).
De studie, „De rol van middelen tegen tumornecrosefactor alfa bij de behandeling van sarcoïdose: een meta-analyse”, werd gepubliceerd in het European Journal of Internal Medicine.
Ongeveer 1 op de 10 patiënten met sarcoïdose in de VS gebruikt TNF-alfa-remmers off-label
Sarcoïdose ontstaat wanneer witte bloedcellen zich ophopen in kleine groepjes, granulomen genoemd, en ontsteking (zwelling) van lichaamsweefsels veroorzaken. De meeste mensen met sarcoïdose hebben longproblemen, die zich vaak uiten als kortademigheid en een aanhoudende droge hoest.
Veel mensen hebben geen behandeling nodig, maar als medicamenteuze behandeling wordt aanbevolen, bestaat die meestal uit corticosteroïden die helpen de ontsteking te verminderen. Als corticosteroïden niet voldoende zijn of er bezorgdheid bestaat over bijwerkingen, kunnen soms andere afweeronderdrukkende behandelingen worden gebruikt.
Hoewel TNF-alfa-remmers niet zijn goedgekeurd voor sarcoïdose, worden ze off-label gebruikt door ongeveer één op de 10 patiënten met sarcoïdose in de VS die niet goed reageren op andere geneesmiddelen.
TNF-alfa-remmers blokkeren de activiteit van TNF-alfa, een molecuul dat in grote hoeveelheden aanwezig is in ontstoken weefsels, waar het de ontsteking helpt voortduren. Door TNF-alfa te onderdrukken, wordt verwacht dat deze behandelingen de ontsteking verminderen. De gegevens over de werkzaamheid van anti-TNF-alfa-behandelingen bij moeilijk te behandelen (refractaire) sarcoïdose zijn „gemengd en niet overtuigend”, schreven de onderzoekers.
De meta-analyse omvatte in totaal 398 patiënten met sarcoïdose
Om meer te weten te komen, voerde een team van onderzoekers in Iran en de VS een meta-analyse uit, een type analyse waarbij gegevens uit een reeks verschillende studies in de literatuur worden gecombineerd. Ze voerden een systematische beoordeling uit van studies die tot en met 10 april 2022 waren gepubliceerd en die verslag deden van de werkzaamheid van TNF-alfa-remmers bij mensen met pulmonale en extrapulmonale sarcoïdose in klinische onderzoeken.
Van de 22 studies waarvan de geschiktheid werd beoordeeld, werden er acht, met in totaal 398 patiënten met sarcoïdose, opgenomen in de meta-analyse. De meeste van deze klinische onderzoeken werden uitgevoerd in de VS. Vier onderzochten Remicade, twee gebruikten etanercept (onder meer verkocht als Enbrel), één beoordeelde adalimumab (verkocht als Humira, met beschikbare biosimilars) en één onderzocht Simponi (golimumab) in combinatie met Stelara (ustekinumab).
De gemiddelde leeftijd van de patiënten was 48,5 jaar en hun behandelperiode varieerde van 14 weken (3,5 maanden) tot 45 weken (ongeveer 10 maanden). Alle geneesmiddelen werden toegediend als injecties onder de huid, behalve Remicade, dat rechtstreeks in de bloedbaan werd toegediend.
Behandelsucces, gedefinieerd als vermindering van symptomen of het uitblijven van ziekteprogressie, werd waargenomen bij 69,9% van de mensen met pulmonale sarcoïdose. Bij mensen met extrapulmonale sarcoïdose was het percentage iets beter (74,5%).
Bij het bekijken van de succespercentages van de behandeling bij aantasting van verschillende organen lijkt Remicade het beste te werken, zowel bij pulmonale sarcoïdose (80%–100% succes) als bij extrapulmonale sarcoïdose (93%–100% succes).
Etanercept ging gepaard met een succespercentage van de behandeling van 31% bij patiënten met pulmonale sarcoïdose en 66% bij mensen met oogverschijnselen. Bij huidafwijkingen die verband hielden met sarcoïdose verminderde of stabiliseerde behandeling met adalimumab de symptomen bij 60% van de patiënten, terwijl de combinatie Simponi–Stelara gepaard ging met een succespercentage van 32%.
Hoewel de meta-analyse beperkt was tot slechts enkele klinische onderzoeken, „was de behandeling van refractaire sarcoïdose met [anti-TNF-alfa]-middelen doeltreffend bij zowel pulmonale als extrapulmonale sarcoïdose, waarbij een iets grotere werkzaamheid werd waargenomen bij extrapulmonale sarcoïdose”, schreven de onderzoekers.
„We ontdekten dat de werkzaamheid varieerde afhankelijk van de locatie van de ziekte en de keuze van het middel”, schreef het team, en voegde eraan toe dat Remicade „het meest gebruikte en doeltreffendste ... middel voor verschillende soorten sarcoïdose” was.
Terwijl adalimumab en etanercept relatief hoge succespercentages lieten zien bij extrapulmonale sarcoïdose, ondersteunen de gegevens het gebruik van Simponi en Stelara bij sarcoïdose niet.
„Hoewel [TNF-alfa-remmers] voor sommige patiënten de laatste behandeloptie zijn, lijken ze een praktische en gunstige behandeloptie te zijn”, schreven de onderzoekers.
Toekomstige, adequaat gecontroleerde klinische onderzoeken „met een gestandaardiseerde definitie voor objectief behandelsucces” zijn nodig om deze bevindingen te bevestigen, concludeerde het team.
Auteur: dr. Margarida Maia
Margarida Maia, PhD | 6 januari 2023
Bron: https://sarcoidosisnews.com/news/off-label-tnf-alpha-inhibitors-ease-hard-treat-sarcoidosis/